Melancholie

Bij Rachmaninoffs Adagio sostenuto krijg ik ineens een beeld voor me.

Ik loop over een pad door een bos.
Om me heen staan bomen in herfstkleuren.
Geel, rood, bruin.
Ik volg het pad en bij iedere stap die ik zet schop ik bladeren opzij die al op de grond terecht zijn gekomen.
Nog niet zo lang geleden waren het jonge groene blaadjes die zich in het voorjaar hadden ontvouwen aan de takken als beloftes aan een goede zomer.

Het was een prachtige zomer.
Nu, in de herfst, is het tijd om los te laten.
De bladeren dwarrelen langzaam voor mijn ogen naar beneden.
Ze vormen kleine hoopjes tegen de stam van de boom.
Voeding voor de boom zodat hij verder kan groeien.

De geur van natte aarde en gevallen blad vermengt zich met de lucht.
Ik sluit mijn ogen en adem het diep in.
Het voelt alsof er ergens op de achtergrond een herinnering ligt waar ik nét niet bij kan.
Niet scherp genoeg om vast te pakken, wel dichtbij genoeg om te voelen in iedere vezel van mijn lijf.

Misschien is dát wel melancholie.
Geen verdriet om iets concreets, maar het gevoel dat iets mooi was, of mooi had kunnen zijn, en dat het ondertussen langzaam verder van je af drijft.
Iedere keer dat je denkt het te kunnen aanraken ligt het net weer buiten je bereik.

De muziek duwt dat gevoel niet weg en probeert het ook niet op te lossen.
Ze loopt er gewoon naast.
En dat is goed.

Ik open mijn ogen en loop door op het pad.
Ik neem niets mee naar de toekomst maar ik laat ook niets achter in het verleden.
Ik volg het pad en weet nooit precies waar het naartoe gaat.

Maar ik blijf toch lopen.


Ontdek meer van Mijn leven in zijpaden

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *