Begrijpen versus bevatten

De God die zichzelf aan het kruis gaf

Er is één God.
De Vader is God.
De Zoon is God.
De Heilige Geest is God.
De Vader, de Zoon en de Heilige Geest zijn niet dezelfde Persoon.
En toch zijn zij één God.

Dit is iets wat wij kunnen begrijpen, maar niet werkelijk kunnen bevatten. Niet omdat het onlogisch is, maar omdat God niet volledig in het menselijke verstand past. Om dat te verduidelijken, gebruik ik vaak een ander voorbeeld uit de Bijbel dat voor ons evenmin te bevatten is. In Openbaring noemt God Zichzelf de Alfa en de Omega, de Eerste en de Laatste, het Begin en het Einde.

Wij begrijpen wat daarmee wordt gezegd: God heeft geen begin gehad en zal nooit een einde hebben. Maar werkelijk bevatten kunnen we dat niet.
Ons hele denken is gevormd door tijd , tijd die door God geschapen is.
Wij denken lineair: iets begint, bestaat gedurende een bepaalde tijd en houdt uiteindelijk op.
Daarom kan ons verstand nauwelijks bevatten dat God er altijd is geweest en altijd zal zijn

Zodra wij proberen ons dat voor te stellen, maken we er onbewust toch weer een tijdlijn van.
We plaatsen God ergens vóór het begin, maar daarmee hebben we alsnog een begin bedacht.
Alleen past God niet op onze tijdlijn, omdat Hij niet aan de tijd onderworpen is.

Hetzelfde geldt voor de Drie-eenheid. Wij kunnen benoemen wat God over Zichzelf bekendmaakt: er is één God, eeuwig bestaand als Vader, Zoon en Heilige Geest.
Maar hoe het mogelijk is dat de Vader God is, de Zoon God is en de Heilige Geest God is, terwijl er toch maar één God is, kunnen wij niet volledig bevatten.

In beide gevallen geldt hetzelfde: ons onvermogen om iets volledig te bevatten, betekent niet dat het daarom niet waar kan zijn. Gods gedachten en wegen gaan de onze te boven en zijn niet volledig te doorgronden, zoals ook staat in Jesaja 55:8–9 en Romeinen 11:33–34.

Het mooie is dat wij Gods eeuwigheid en Zijn wezen wel kunnen benoemen, zonder te doen alsof wij ze volledig kunnen verklaren. Wij mogen spreken over wat Hij in Zijn Woord over Zichzelf bekendmaakt: Hij is de ene God, Vader, Zoon en Heilige Geest. Hij is de Alfa en de Omega, zonder begin en zonder einde.

De Bijbel geeft ons geen bouwtekening van Gods wezen. Hij maakt ons bekend wie Hij IS.

En soms is dat het antwoord: het IS.

Dat is ook belangrijk wanneer we proberen te begrijpen wat er aan het kruis gebeurde. Wanneer we spreken over de Vader en de Zoon, spreken we niet over twee verschillende goden.
God stuurde niet een willekeurige buitenstaander om de straf van de mens te dragen. `
In de Persoon van de Zoon kwam Hij Zelf naar ons toe.

Vanmorgen hoorde ik Josh Howerton een treffende illustratie gebruiken bij de vraag waarom Jezus aan het kruis moest sterven.

Een koning ontdekte dat er voortdurend eigendommen uit zijn koninkrijk werden gestolen. Op diefstal stond een straf van twintig zweepslagen. Maar het stelen hield niet op. De koning verhoogde de straf eerst naar dertig en uiteindelijk naar veertig zweepslagen, een straf die in deze illustratie feitelijk gelijkstond aan een doodvonnis.

Toen kwam de koning tot een afschuwelijke ontdekking: de dief was zijn eigen dochter.

Als rechtvaardige koning kon hij de straf niet ineens laten vervallen omdat de schuldige iemand was van wie hij hield. Wanneer de wet alleen geldt zolang zij vreemden treft, is er geen sprake meer van rechtvaardigheid. Daarom werd ook zijn dochter veroordeeld tot veertig zweepslagen.

Op het moment dat de straf zou worden uitgevoerd, gebeurde er echter iets onverwachts. De koning ging voor zijn dochter staan en nam zelf de zweepslagen in ontvangst.

Hij ontkende haar schuld niet. Hij verklaarde de diefstal niet plotseling onbelangrijk. De straf werd werkelijk gedragen, maar door hemzelf.

Daarin ligt iets van de betekenis van het kruis.

God doet niet alsof zonde niet ernstig is. Hij schuift het kwaad niet terzijde met een eenvoudig: zand erover. Wanneer God onrecht zonder meer zou negeren, zou Hij handelen in strijd met Zijn eigen rechtvaardigheid.
Maar Hij liet de schuldige mens ook niet zonder hoop achter.

Want in Jezus Christus kwam God Zelf naar ons toe en droeg Hij wat wij niet konden dragen.
Jezus was daarbij niet een willekeurige, onschuldige derde op wie een woedende God Zijn straf afreageerde.
De Zoon gaf Zichzelf vrijwillig. Jezus zei daar Zelf over:

‘Niemand neemt Mijn leven, Ik geef het zelf.’
(Johannes 10:18)

God legde de rekening dus niet bij iemand buiten Hem neer. Zoals Paulus schrijft: God was in Christus de wereld met Zichzelf aan het verzoenen.

Aan het kruis kwamen Gods rechtvaardigheid en Zijn liefde samen.
De schuld werd niet ontkend, maar de schuldige werd evenmin aan zijn lot overgelaten.

Misschien is je volgende vraag: had God niet gewoon kunnen vergeven?

Maar bestaat ‘gewoon vergeven’ eigenlijk wel? Vergeving betekent niet dat schuld en schade ineens verdwijnen. Wanneer iemand jou ernstig beschadigt en jij besluit hem te vergeven, wordt daarmee niet ongedaan gemaakt wat er is gebeurd. Jij besluit alleen dat je de schuld niet langer op die ander zult verhalen. Daarmee neem je zelf het verlies en de pijn op je.

Dat is wat God aan het kruis doet, maar dan op een schaal die wij niet kunnen bevatten.
Hij neemt de schuld niet licht op. Hij neemt haar op Zich. Niet omdat de mens onschuldig was, maar omdat God ons liefhad.

Het kruis zegt daarom niet alleen: zonde is ernstig.
Het zegt ook: zo ver was God bereid te gaan om de mens met Zich te verzoenen.


Ontdek meer van Mijn leven in zijpaden

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *